Protestantse gemeente De Rank - Nieuwegein-Zuid

Wat is er te doen?

  • Pelgrimage 2018

    Pelgrimage: wat was het een fantatsische dag!

    Lees meer
  • Pasen 2018

    Liturgische schikkingen Stille Week en Paasmorgen

    Lees meer
  • Paaskaars 2018

    Bekijk de nieuwe paaskaars en lees over de symbolen

    Lees meer
  • kerkenraad-2018

    Op de kerkenraadsdag in januari werd deze groepsfoto gemaakt, waar iedereen op staat!

    Lees meer

Tijdens de sluizendienst heeft Hans Oldenhof een overdenking gehouden die u hier kunt lezen inclusief de zegenbede die aan het eind van de dienst werd uitgesproken.

Over de machtige arm van God    Overweging n.a.v. Ezechiël 17, 22-24 en Marcus 4, 26-34

Bosbouw is geen gemakkelijk vak, zeker niet als de bomen op een steile helling staan. In de eerste lezing schildert Ezechiël de Schepper als een machtige bosbouwer, nog machtiger dan de rondcirkelende arenden. Ezechiël gebruikt beelden en legt later uit wat hij concreet bedoelt. Met de hoge boom die vernederd is bedoelt Ezechiël koning Jojakin. Deze is samen met de hele joodse bovenlaag door de grote arend Babylonië weggevoerd. Een stek van de boom, de nieuwe koning Sedekia, is in de akker geplant. Maar deze strekte zijn takken uit naar een andere arend, Egypte. Ezechiël had hem daar nog zo voor gewaarschuwd, maar hij deed het toch. Deze stek verdort helemaal; ook deze overmoedige koning eindigt in Babylon. Ezechiël is wars van alle grootheidswaan van de koningen en van de elite. Het joodse volk is klein en kwetsbaar. Ezechiël pleit voor bescheidenheid en alertheid: zorgvuldig je weg naar de toekomst banen, als volk, als individu; waakzaam maar ook in vertrouwen. Ezechiël is heel kritisch op zijn tijdgenoten. Maar hij is ook hoopvol. Hij zegt, en nu komen we bij onze eerste lezing: de Allerhoogste zal uit de hoogste ceder, dat is het geslacht van David, een nieuwe stek planten op een hoge berg. En deze stek zal wel groot worden, veel vrucht dragen. Alle soorten vogels zullen in zijn takken nestelen.

Waarom sta ik zo stil bij dat beeld van God als bosbouwer tussen de arenden? Dat God grootse dingen doet; daar staat de Heilige Schrift vol mee. God schept, God bevrijdt en geneest, God oordeelt aan het einde der tijden. God is almachtig en grijpt heel actief in in de geschiedenis van mensen en volken. We zijn gewend aan die taal, aan die beelden, als het over Bijbelse tijden gaat, over daar en toen. Voorgangers houden ons voor dat diezelfde God ook nu leeft. Zolang priesters en dominees gloedvol spreken over God daar en toen vinden we dat prachtig. En we weten: God is overal, ook hier en nu. God is liefde. Maar toch staan vele gelovigen, katholiek en protestant, met de mond vol tanden als het gaat over de aanwezigheid van God in hun eigen leven, hier en nu. Ook voorgangers kunnen gaan stotteren, als iemand ze vraagt iets te zeggen over God hier en nu. Ik heb ooit gelezen dat in bepaalde kerken de gemiddelde preek veranderde van toon. Eerst sprak men nog, ook bij het duiden van de actualiteit, over Gods machtige arm. Bij die uitdrukking moet ik denken aan de sportschool, waar ik op boksen zit. Met een bokshandschoen kun je jezelf of een ander goed beschermen. Maar je kunt ook flinke klappen uitdelen. Dat God beschermt maar ook klappen uitdeelt, daar zijn veel ouderen mee opgevoed. Daar wilden ze los van komen. Ook de voorgangers. Daarom  sprak men minder van Gods arm maar van Gods hand. Nog weer later werd het: de vinger Gods. En tenslotte: een vingerafdruk. Veel mensen hebben dit proces als bevrijdend ervaren. De ramen en deuren van kerken gingen open. De dingen van het geloof waren niet meer zo in beton gegoten. Er kwam ruimte om zelf te denken. Ons eigen gevoel voor rechtvaardigheid en ons eigen vermogen om lief te hebben kwamen veel centraler te staan. Het evangelie van vandaag, over het mosterdzaadje dat een grote boom wordt, kun je dan lezen als een hoopvolle tekst: liefde begint vaak klein; dat weten we. Maar het resultaat kan groot zijn. Geweldig. Dankjewel, God, als dat gebeurt.

Dat klinkt allemaal heel mooi. En als we zo praten bedoelen we het oprecht. Maar in de afrekening met een beladen verleden kunnen we ook iets kwijtgeraakt zijn. Iets dat voor het voortbestaan van de kerk wezenlijk is. Iets waar jonge mensen ook naar op zoek zijn. Jonge mensen hebben meestal niet de ballast van een dogmatisch verleden. Ze zijn wel kritisch; ze zoeken diepgang. Er wordt de laatste tijd meer geschreven over de millennials, de generatie die geboren is rond de eeuwwisseling en die nu rond en in de twintig is. Velen van hen lopen vast en krijgen een burn-out. Ze zijn opgegroeid met het idee dat het leven leuk moet zijn, dat ze alles uit zichzelf moeten halen, dat keuzes maken beperkingen oplegt en dat alle waarheid subjectief is. Hoge eisen, veel stress. Hoe moeilijk is het dan om innerlijke rust en vrede te vinden, een echt houvast, en verzoening met de kwetsbaarheid van je bestaan? Religie, het christelijk geloof, de kerk zou hen zoveel kunnen bieden. Maar zijn wij daar als kerk klaar voor? Wat we bieden moet wel iets meer zijn dan christelijk humanisme, dan waarden en normen. De millennials zitten niet te wachten op een hoge moraal, op een God van wie ze van alles moeten. Ze moeten al zoveel van zichzelf.

Ezechiël spreekt over de overmoed van koning Jojakin en koning Sedekia, de hoge ceder en het twijgje. Deze koningen eindigden beiden in de ballingschap. Ezechiël is wars van alle grootheidswaan van deze heren. Ik zie een parallel tussen de mentaliteit van die joodse bovenlaag van toen en de liberale tijdgeest waarin de millennials van nu zijn opgegroeid. Overspannen verwachtingen, niet kunnen leven met afhankelijkheid en beperking, het gevoel verliezen voor een levende relatie met God en met de gemeenschap. Het joodse volk was heel zelfbewust maar was ook klein en kwetsbaar. Net als velen van ons nu. Ik dacht: de burn-out van vele jonge mensen lijkt wel een moderne vorm van ballingschap. Hoe kun je die voorkomen? Hoe kom je daar weer uit weg? Ezechiël pleit voor bescheidenheid en alertheid: zorgvuldig je weg naar de toekomst banen, als volk, als individu; waakzaam, je kwetsbaarheid beseffen maar altijd blijven vertrouw op toekomst, op leiding.

Mijn overtuiging is dat we als gelovigen en als kerk huiswerk te doen hebben. Meer oog voor onze innerlijke zoektocht naar houvast. We hebben ons te lang verbeeld dat we rationele en autonome mensen zijn. Zo is de tijdgeest. Maar dat klopt niet. We hebben elkaar nodig en onze geest is vaak onrustig en zoekend naar houvast en een zinvol bestaan. Er lijkt wel iets te veranderen in de tijdgeest. Om te beginnen economisch; het neoliberalisme is wel over zijn hoogtepunt heen. Maar ook spiritueel verandert er iets. Net als Ezechiël zie ik hoopvolle tekenen. Mensen worden niet alleen weer meer sociaal. Ze praten ook weer iets makkelijker over de aanwezigheid van God in hun leven. Geen machtige arm misschien, maar wel meer dan een vingerafdruk. Zo sprak ik een maatschappelijk werkster, die heel veel op haar bordje krijgt rond armoede en stuurloosheid. De verhalen van mensen grijpen haar zelf ook enorm aan. “Maar”, zei ze tegen mij: “toch heb ik het gevoel dat ik geholpen wordt. Jullie in de kerk hebben daar woorden voor”. Dat raakte mij, toen ze dat zei. Ik sprak laatst na het sporten een Surinaamse man van met een goede baan als kwaliteitsbewaker. Hij heeft heel wat ups en downs gehad in zijn leven. “Maar”, zegt hij: “Ik ervaar dat ik in mijn leven geleid word. Regelmatig krijg ik dromen en visioenen die me helpen om de goede weg te gaan en die vaak ook voorspellingen bevatten die uitkomen”. Bijzonder. Ook in mijn eigen leven heb ik op beslissende momenten de troost en de leiding van God ervaren. Daar ben ik een ander mens van geworden.

Dit is mijn pleidooi deze morgen: laten we met elkaar weer ruimte scheppen, waarin het gewoon is om te spreken over de Voorzienigheid, over de liefdevolle en machtige hand van God. De hand die ons leven op een verborgen manier leidt. En waar we steeds meer oog voor kunnen krijgen. Christus is ondertussen in ons midden als een enorme boom. Volgens mijn kerk is de wereldwijde verzameling van kerken, waarin vogels van allerlei pluimage zich genesteld hebben, het levende lichaam van de verrezen Christus. De Grote Bosbouwer in de hemel heeft goed werk verricht. Laten we, met Christus in het middelpunt, net als zovele andere vogels de vrijheid, de vreugde en de kracht van het christelijk geloof steeds opnieuw ontdekken.

 

Hans Oldenhof

 

Zegen

Laatst was ik bij de begrafenis van een familielid die moslima geworden was en zich later thuis was gaan voelen bij de mystieke stroming daarvan, het soefisme. Bij het graf werd een zegenbede uit die traditie uitgesproken, die me raakte. Ik gebruik de tekst ook vandaag:

Pelsgrimszegen

Moge de God van alle wegen je zegenen en beschermen.

Breek op en vertrek uit bezorgde gedachten en verstarde gewoontes,

uit knellende verwachtingen.

Wees opmerkzaam onderweg met lichaam en ziel, met al je zintuigen,

met vertrouwen en met heel je hart.

Moge God je begeleiden wanneer je tocht je naar nieuwe plekken leidt,

wanneer je je op onzeker terrein begeeft.

Moge de zon je gezicht verwarmen, de wind je rug versterken,

de regen je leven verfrissen.

Moge de wegwijzers je leiden naar je doel.

Moge de God van alle wegen je zegenen en beschermen.

Als christen voeg ik daar aan toe:

Moge de God van alle wegen ons allen zegenen,

Hij die is Vader, Zoon en heilige Geest.

Amen.

 

Blijf op de hoogte

Schrijf u in voor de
nieuwsbrief

Kerkdiensten

29 juli 09:30
mevr. R. Kordes geen kindernevendienst
05 aug 09:30
ds. Anne-Mieke van der Plaat Dienst van Schrift en Tafel (lopend), geen kindernevendienst

Kerkdienst luisteren

kerkomroep.png

Vervoer

Wilt u opgehaald worden voor een kerkdienst of voor een activiteit? Neem dan contact op met

Meindert van Steeg
tel.: 06-15214670

Adres

PKN-gemeente Nieuwegein-Zuid

Kerkelijk centrum:
Lupinestraat 11
3434 HA Nieuwegein
Tel.: 030 - 606 42 88

Mail naar de kerkenraad